
Het is vandaag weer Gedichtendag. Op deze dag wordt, ondanks het gure weer, poëzie extra in het zonnetje gezet. Overal waar je komt, zal je gedichten tegenkomen. Op school, in de bibliotheek, in winkels, het theater en musea, maar ook in kranten, tijdschriften en op televisie. Wij willen uiteraard ook graag ons steentje bijdragen aan dit poëziefeest en hebben daarom een persoonlijke selectie gemaakt van de mooiste gedichten geschreven door vrouwelijke dichters.
Wie kan Plato’s Symposion nog…
Wie kan Plato's Symposion nog
Lezen, waar vrouwen voor het gesprek
Worden weggestuurd en als hoogste
Liefde die tussen mannen wordt
Aangeprezen? Welke vrouw met
Zelfrespect? Alles moet opnieuw
Geschreven! Mijn vriend, die zijn
Manchetten met paperclipsen knoopt,
Het liefst die van zijn rok, hem wees
Ik erop dat de hoogst georganiseerde
Samenlevingen van dieren de
Gefeminiseerde zijn en hij
Schrok. Maar ons discours - over de
Wrok - was luchtig en geleerd en wij
Dineerden. Spoedig zag men ons op
De dansvloer, in een foxtrot, hij
Volgde en ik leidde. O het was
Een plezier, alles moest op zijn
Kop en ook zo blijven, daar
Stonden wij inmiddels op.
Elly de Waard
Uit: Een Wildernis van Verbindingen, 1986
Uitgeverij De Harmonie
-------------------------------------------------------------------------
Leeszaal
Ik ben een God in 't diepst van mijn gedachten,
maar in de bibliotheek een volontair
die hunk'rend op een baantje zit te wachten
en boeken uitleent met een zeker air.
Ik lever geestlijk voedsel aan mevrouwen
die binnenkomen en alleen maar van
de allernieuwste liefdesboeken houwen,
"maar niet zo'n engerd als die Wasserman".
Ik loop met stapels boeken rond te sjouwen
en plak een etiquet op Gorters Mei.
Och, als nu juffrouw Jansen eens ging trouwen,
dan kwam er eindlijk eens een plaatsje vrij.
Ik ben het niet alleen, die staat te wachten
en achter me staat nog een hele rij.
Ik ben een God in 't diepst van mijn gedachten,
maar niet zo heel veel in de maatschappij...
Annie M.G. Schmidt
Uit: Tijdschrift Opwaartsche Wegen, 1938
Uitgeverij Holland
-------------------------------------------------------------------------
De Tijd
Ik droomde, dat ik langzaam leefde ....
langzamer dan de oudste steen.
Het was verschrikkelijk: om mij heen
schoot alles op, schokte of beefde,
wat stil lijkt. 'k Zag de drang waarmee
de bomen zich uit de aarde wrongen
terwijl ze hees en hortend zongen;
terwijl de jaargetijden vlogen
verkleurende als regenbogen .....
Ik zag de tremor van de zee,
zijn zwellen en weer haastig slinken,
zoals een grote keel kan drinken.
En dag en nacht van korte duur
vlammen en doven: flakkrend vuur.
- De wanhoop en welsprekendheid
in de gebaren van de dingen,
die anders star zijn, en hun dringen,
hun ademloze, wrede strijd ....
Hoe kón ik dat niet eerder weten,
niet beter zien in vroeger tijd ?
Hoe moet ik het weer ooit vergeten ?
zijn zwellen en weer haastig slinken,
zoals een grote keel kan drinken.
En dag en nacht van korte duur
vlammen en doven: flakkrend vuur.
Maria Vasalis
Uit: Parken en Woestijnen, 1940
Uitgeverij van Oorschot
-------------------------------------------------------------------------
ZOALS
Zoals je soms een kamer ingaat, niet weet waarvoor,
en dan terug moet langs het spoor van je bedoeling,
zoals je zonder tasten snel iets uit de kast pakt
en pas als je het hebt, weet wat het was,
zoals je soms een pakje ergens heen brengt
en, bij het weggaan, steeds weer denkt, schrikt,
dat je te licht bent, zoals je je, wachtend,
minutenlang hevig verlieft in elk nieuw mens
maar toch het meeste wachtend bent,
zoals je weet: ik ken het hier, maar niet waar het om ging
en je een geur te binnen schiet bij wijze van
herinnering, zoals je weet bij wie je op alert
en bij wie niet, bij wie je kan gaan liggen,
zo, denk ik, denken dieren, kennen dieren de weg.
Judith Herzberg
Uit: Zoals, 1992
Uitgeverij De Harmonie
-------------------------------------------------------------------------
Maartje Smits studeert Algemene Cultuurwetenschappen en is werkzaam als stagiaire PR & Communicatie bij Aletta.






