
'Seks met mannen is zeker heel anders dan met vrouwen?' Het blondharige lesbische meisje en ik zaten op een terras aan de grachten van mijn geliefde Amsterdam. De zon was te fel voor mijn blanke huid en de temperatuur te heet voor mijn lichaam. Voor haar niet, ze zweette niet eens en haar vragende blauwe staken fel af tegen haar bruine huid. Zij had nog nooit gevreeën met mannen, ik met meerdere. Ik heb zelfs van ze gehouden, had ik eerder durven te zeggen tegen haar.
'Maar hoe zit dat dan met jou?' Wat ben je nou eigenlijk, een vraag die ik vaak genoeg krijg. Een eerlijk antwoord zou zijn: vier jaar geleden was ik een hetero roeimeisje, drie jaar geleden was ik bi, twee jaar geleden was ik een mannenhatende feministe, een jaar geleden queer en nu ben ik in deze column de ‘token lesbian’ voor Aletta.
Fase
Was ik eigenlijk al die jaren een lesbienne? Was mijn liefde voor mijn vriendjes niet oprecht? Is mijn lesbische liefde voor mijn vriendin eigenlijk een fase? Met welk gender eindig ik? Oneindig veel vragen die over de tijd, steeds een andere betekenis en antwoord krijgen in mijn leven.
Aantrekkelijk
Over de vraag van de blondharige lesbienne naar mijn identiteit moest ik lang nadenken. Vele beelden van vele vrijpartijen stroomden als een lange film door mijn hoofd. De conclusie die ik haar moest geven, was niet het antwoord dat ik wilde geven. Ik had graag hard 'ja!' willen roepen, en seks met mannen voor altijd willen afdoen als ‘smerig’. Toch was mijn conclusie anders. Ik moest namelijk concluderen dat de dingen waarvan ik houd tijdens seks niet anders bij mannen was dan nu met vrouwen. De eigenschappen die ik in mijn parnter aantrekkelijk vind, zijn bij mannen en vrouwen gelijk.
Passie en overgave
Ik val namelijk als een blok voor mensen met een passie, een creatieve waanzinnigheid of een ding dat diegene ultiem goed kan. Ik word week van iemand met intellect, met een vleugje arrogantie en zoek een specifieke twinkeling in de ogen. In mijn bed zoek ik naar een bepaald gevoel, een bepaald moment van complete overgave. Mijn meeste exen konden mij dat moment niet geven maar mijn huidige vriendin (tegelijk de liefde van mijn leven) geeft mij dat gevoel keer op keer. Een waar genot.
Tel daarbij op dat sommige van mijn vriendinnen ‘mannelijker’ waren dan mijn meeste vriendjes en sommige van mijn mannelijke exen meer spraken over hun gevoelens dan vijf vrouwen bij elkaar. Een aantal van mijn partners hadden dan misschien wel borsten en andere een penis, maar de mannelijke of vrouwelijke identiteiten zitten naar mijn mening niet vast aan een bepaald lichaam. Hoe houdbaar zijn gender en seksualiteit categorieën nu dan eingelijk?
Biologie
Ho ho, hoor ik de Darwinisten en Dick-Swaab-aanhangers al denken, hoe zit het dan met de biologische verschillen? Hormonen, chromosomen en hersenkwabben zouden allemaal aan moeten tonen dat mannen van mars komen en vrouwen van venus. Nou, het blijkt dus dat er meerdere soorten combinaties van chromosonen bestaan, dat de visie op vrouwelijke en mannelijke lichamen historisch gezien steeds verandert, dat wetenschap al a priori ‘ge-genderd’ is en dat de huidige wetenschap sinds de Verlichting een zwaar materialistische visie heeft, of met andere woorden te veel waarde hecht aan ‘het lichaam’ bij onderzoek. In onze maatschappij hebben excacte wetenschappen als de biologie en geneeskunde het meeste aanzien, waardoor veel mensen nog van een biologische determinatie uitgaan.
Hokjes vs gevoelens
Misschien ligt het niet aan mij, misschien moet ik de schuld neerleggen bij ‘het systeem’. Het idee dat er mannen en vrouwen, en homo’s en hetero’s bestaan is een kernverdeling van onze westerse maatschappij. Nog steeds is ‘heteroseksualiteit’ de norm en kun je een afwijkende seksuale identiteit innemen door jezelf ‘homoseksueel’ te noemen. Natuurlijk bestaat er de term ‘bi’ maar wat houdt dat nu eigenlijk in? Wanneer heb je toegang tot welke identiteit? Ik voel mij nu lesbisch. Maar mag ik mijzelf, gezien mijn verleden, eigenlijk wel lesbisch noemen? Wie bepaalt wat categoriëen inhouden?
Te zien aan mijn overpeinzingen is dat hokjes nog steeds hoogtij vieren in onze maatschappij. Niet alleen binnen de heterogemeenschap maar ook in de LGBTQ-gemeenschap. Uiteraard zijn hokjes om emancipatorische en politieke redenen bruikbaar, maar ze doen absoluut geen recht aan onze gevoelens. Hokjes beschrijven bij lange na niet de complexiteit en gesitueerdheid van kennis en identiteiten. Daarvoor ga ik samen met andere leden van Platform Status Quo de strijd aan tegen hokjesdenken binnen de poltiek, maatschappij, cultuur en wetenschap.
Gastcolumnist Marloes Meuzelaar is student Nederlandse taal en cultuur aan de Universiteit van Amsterdam. In september begint zij aan de master Comperative Women’s studies aan de Universiteit Utrecht. Tevens is zij stagaire bij Mail & Female, columniste bij Lesbische uitgeverij La Vita en strijdt zij tegen hokjesdenken samen haar vrienden van Platform Status Quo.
www.platformstatusquo.nl







Reacties
mooie column
Het anti-hokjes denken spreekt me erg aan, super!